Verslag van onze wandelende reporter uit Zuid Limburg (Berg en Terblijt, Epen)

 

Wandelend afscheid nemen van betaald werk – 17 t/m 21 september 2007

 

In de laatste week van deze zomer hebben Tiny en ik met een twaalftal lotgenoten (zeven paren) onder de bezielende leiding van Nathalie Roovers, in dienst bij Stavoor, ons voorbereid op onze derde jeugd, de volgende fase in ons leven. Ont - moeten! Ont – haasten! Baanloos! Niet meer in dienst! Luilekkerland! Vakanties! Geen collega’s! Stofzuigen! Een wereld met valkuilen en kansen gaat voor je open. De een heeft zich tijdens zijn werk al op het naderende einde kunnen voorbereiden, de ander meende tot het bittere einde te moeten doorgaan, omdat hij niet gemist kon worden en weer een ander had de pijp al leeg voordat hij de finish bereikt had. Al met al voldoende stof om je eens te bezinnen op het gepasseerde station en stil te staan bij de zingeving van de periode die we tegemoet gaan.

 

Daar sta je dan op maandag 17 september met 14 personen, waarvan precies de helft het 'pensioen in zicht' heeft, dat was dan ook de enige overeenkomst, voor de rest kwamen ze uit alle hoeken van het land, van Brabant tot Groningen, van Den Haag tot Enschede. Bij alle paren wilde de partner van de pensionado nog niet direct het bijltje erbij neerleggen, maar vaak in een parttime functie nog enkele jaartjes doorgaan. Aan het slot hadden we ook nog een “toevallige” overeenkomst ontdekt: alle stellen hadden samen een langdurige relatie: waar werken al niet goed voor is.

 

Onze coach was een geboren Maastrichtse, die zich in het Limburgse land, aan de oevers van Geul en Gulp, natuurlijk als een vis in het water voelde. Het programma zag er in grote lijnen als volgt uit: na het ontbijt een ochtendsessie waarin gezamenlijk op een thema werd ingegaan en wel zo dat er voldoende gespreksstof overbleef voor de wandeling, die daarna geprogrammeerd was; onderweg werd halverwege een stop gemaakt om het lunchpakket in de open lucht burgermeester te maken. Teruggekomen in het hotel konden we na een opfrisbeurt in rap tempo aantreden voor het diner om daarna met een avondsessie te starten. Het was een druk programma als je de dag om 8:00 uur begint met ontbijten, gedurende de dag pakweg 15 km wandelt en daarna doorgaat tot 22:30 uur. Hierna was er voor de die-hards nog het welverdiende glas, maar het merendeel prefereerde toch het donzen kussen.

 

We logeerden in Berg en Terblijt in hotel Vue des Montagnes, een voormalig kuuroord voor mijnwerkers die aan het zuurstofapparaat moesten omdat de longen verpest waren door het steenkolenstof. Alhoewel wij geen ex-kompels waren, werden we daar toch ook heel gastvrij verwend. Behalve een uitgebreid ontbijtbuffet, een dito lunchpakket kregen we elke dag een heerlijk diner. Vanzelfsprekend smaakt dat uitstekend na een dag in de buitenlucht, heuvel op, heuvel af.

 

Behalve gezellige gesprekken aan tafel en in de sessies in teamverband waren de wandelingen het hoogtepunt voor het uitwisselen van ervaringen in het werkzame leven, alsook over de verwachtingen over de periode daarna. Vooral omdat de pappenheimers uit verschillende branches afkomstig waren, o.a. gezondheidszorg, politie, gasunie, waterschap en corporaties, leverde dat gevarieerde gesprekstof. Maar met name de een-tweetjes in de prachtige natuur in volledige rust werden door de meeste als bijzonder waardevol ervaren. Het feit dat je als echte vreemden met elkaar de wei ingaat en er als vrienden uitkomt kwam vooral omdat onderwerpen zonder gêne besproken konden worden, maar zeker ook door de coach die heel subtiel en met veel gevoel haar ervaring in bracht om de deelnemers een fijne en vruchtbare week te bezorgen.

 

Halverwege de week was de grote oversteek gepland, van West-Limburg over het plateau van Margraten naar Oost-Limburg. Deze wandeling stond symbool voor de overgang van werkend naar niet-werkend. Van stress naar rust. Het kostte dan ook enige moeite om een half uur lang woordeloos contemplatief over het mergelplateau tussen de maïs te lopen om het overgangseffect voelbaar te maken. Eens vaker bewust stilstaan bij de zingeving van het leven en durven voorbijgaan aan de jachtige elementen in ons leven, zou een mens zich moeten gunnen. Sterker nog was de conclusie: we doen dat gewoon te weinig. Vroeger bestonden er nog retraites (bezinningsdagen), die door school of kerk georganiseerd werden; eerlijk gezegd zag je daar toen het nut niet van, maar nu je wat langer meeloopt en er nog eens over nadenkt, kom je tot de conclusie dat het goed zou zijn als bedrijven dit soort bezinnings- of vormingsdagen eigenlijk als een vaste waarde in de loopbaan van hun medewerkers of hun afdelingen zouden moeten inplannen. Het zal niet altijd even makkelijk zijn, maar als het personeel er rijker uitkomt, is er altijd een oplossing.

 

Na deze beschouwing belandden we uiteindelijk in Epen en werden we ontvangen op een schitterend landgoed Schoutenhof, een burgemeestershuis uit 1939 in de Geulvallei, dat exclusief voor onze groep was vastgelegd. Volgens de overlevering zouden hier zowel Prins Bernhard, alsook Beatrix en Claus, vaker gelogeerd hebben. Bij de kamerverdeling was het lot ons gunstig gezind, zodat wij de koninklijke suite kregen toebedeeld. Hoewel Bernhard meestal alleen kwam heeft Z.K.H. deze keer de kamer wel gedeeld met H.M. Ook in dit hotel werden we weer vorstelijk ontvangen en op onze wenken bediend. Het is nog duidelijker geworden dat het land der Bokkenrijders aanzienlijk dichterbij Bourgondië ligt dan de rest van Nederland. Maar niettegenstaande de luxe en de weldaad kregen we ook hier een intensief en dagvullend programma voorgeschoteld, waarbij het geaccidenteerde terrein naast zweetdruppels ook nog wat blaartjes opleverde. ‘s Avonds legde een gespecialiseerde arts, van onze leeftijd, ons uit dat je in je derde jeugd erg weinig kans maakt op kinderziektes en nog minder op jeugdpuistjes, maar daarnaast wist hij vooral veel te vertellen over de problemen die de omschakeling van betaald werken naar vrijwillig rusten met zich mee kunnen brengen. De samenstelling van onze groep was echter zo dat doemscenario’s deze week plaats moesten maken voor een ongedwongen en leerzame bijeenkomst. De volgende dag hadden we gezelschap van een IVN-gids, die ons vakkundig over prachtige wandelpaden langs meanderde beekjes loodste en ondertussen over natuur- en cultuurhistorie van Zuid-Limburg wist te verhalen. Op de laatste avond, die stond geprogrammeerd als een verrassingsthema, kreeg iedereen de kans om een bijzonder onderwerp voor het voetlicht te brengen. Ook hier werd op een humoristische manier met foto’s, gedichten of verhalen over mooie levensmomenten, over hobby’s, sporten of familie uitgewijd. Door het gezamenlijke cursustraject zijn we in een week tijd van vreemden tot vrienden getransformeerd, die elkaar graag weer eens willen ont-moeten.

 

Met dank aan mijn werkgever die ons deze week kans heeft geboden om in een golvend landschap, langs kronkelende paden en slingerende beekjes, ons op een natuurlijke wijze voor te bereiden op een puberloze derde jeugd.

 

Tiny en Jan

3 oktober 2007