Johan van Dinteren, beeldend kunstenaar over zijn bijdrage aan inburgeringstrajecten:

"LACHEN MAG OOK VAN ALLAH"

 

 

Aan de rand van het Kronenburger Park in Nijmegen staat een imposante toren, overblijfsel van de verdedigingswerken uit de vroeg vijftiende eeuw van de oudste stad van Nederland. In deze toren houdt beeldend kunstenaar Johan van Dinteren atelier. En hij ontvangt er wekelijks groepen inburgeringscursisten van Stavoor.

 

Johan: "Stavoor vroeg me een bijdrage te leveren aan de 'empowerment' van deze vrouwen. Dat leek me een fantastische uitdaging. Ga maar na: de meesten hebben echt nog nooit geschilderd; weten niks van kleuren en moeten echt iets overwinnen om zich hier creatief te uiten. 'Is toch voor kind?!', zeggen ze dan. Het gaat vaak om vrouwen uit een extreem gesloten omgeving. Jong getrouwd, soms zelfs al op hun 12e, 13e, met een vaak veel oudere man; jong moeder geworden van veel kinderen, waar ze lang alleen voor moesten zorgen in het thuisland, omdat manlief naar Nederland vertrok. Tot ze ook zelf alles moesten achterlaten waarmee ze vertrouwd waren, om hier in ons kikkerlandje, op driehoog-achter een nieuw leven op te bouwen. Totaal geïsoleerd van de omgeving; niet gewend om voor zichzelf op te komen; de taal niet machtig. Of bijvoorbeeld vrouwen met een zwaar getraumatiseerde historie, gevlucht uit een oorlogsgebied, geconfronteerd met geweld, wapens, dood en verderf .... dan denk ik: al kan ik maar een heel klein beetje bijdragen, het is altijd de moeite waard! Er komen hier vrouwen van verschillende leeftijden, niveaus, achtergronden; de meesten laag opgeleid, soms zelfs analfabeet, uit een streng-Islamitische cultuur. Dan is het heel mooi als je tijdens zo'n inburgeringstraject ziet dat ze, al is het met hele kleine stapjes, zichzelf durven open stellen; écht contact maken met anderen in de groep en zich bewust worden van eigen waarden en mogelijkheden."

 

Hier spreekt een bevlogen man. Johan (zie foto) vertelt met zachte stem, maar in zijn woorden klinkt zó'n passie en betrokkenheid. Je voelt dat hij het meent en dat hij weet waarover hij spreekt! Hij gelooft echt in de helende kracht van zijn werk en lardeert zijn overtuiging met talloze voorbeelden uit zijn indrukwekkende loopbaan, waarin hij werkte met de meest uiteenlopende groepen. Zowel autochtoon als allochtoon, man en vrouw, hoog en laag opgeleid, gezond of ziek. In zijn atelier is het op deze koude winternamiddag lekker warm. Er branden kaarsen, het ruikt er lekker naar verse koffie en er klinkt Oosterse muziek. Een enorme ronde tafel beslaat zowat het gehele vloeroppervlak in de toren. De vier nissen (voormalige schietopeningen in de twee meter dikke wand van de toren) herbergen een klein keukentje en allerlei materialen, zoals kleurige flessen verf, kwasten, papier, lege doeken en doeken 'in wording'. Het oogt echt Nederlands 'gezellig' en knus.

 

Het is echt wérken; heus geen theekrans!

 

Johan: "We zitten hier dan met z'n allen rond de tafel. Ik geef elke bijeenkomst een thema, dat ik eerst met een korte introductie wat nader toelicht. Dat is meteen al moeilijk, want - zeker in het begin van het traject - spreken en verstaan de cursisten nog zeer gebrekkig onze taal. Dat gaat dus meteen met handen en voeten. Gelukkig zitten er in zo'n groep altijd wel enkelen die net wat mondiger zijn en die helpen om ijs te breken en de anderen erbij te betrekken. Maar ook het feit dat ik een man ben, is in het begin een belemmering. Dan zitten hier dus allemaal hele verlegen meisjes, de ogen naar beneden gericht, giechelend of juist heel stil, afwachtend. Ik moet er dan dus eerst voor zorgen dat ze zich veilig voelen. Een sfeer creëren van vertrouwen. Ook de begeleidende docenten spelen daarin natuurlijk een belangrijke rol. Het is hard werken, echt geen theekrans. Samen zetten we ons in om iets te ontwikkelen. En het is ons uiteindelijk altijd nog gelukt om ze aan het werk te krijgen!"

 

Creativiteit kan therapeutisch werken:

je ziet cursisten soms opklaren!

 

"Thema's van de bijeenkomsten zijn bijvoorbeeld verdriet of tegenstellingen als trouw/ontrouw, afhankelijk/onafhankelijk. Of bijvoorbeeld de vraag: welke vrouw is belangrijk in je leven? We gaan er dan eerst samen over praten en daarna creatief aan de slag. Ik probeer de cursisten uit te dagen om verder te denken dan voor de hand liggende antwoorden en met elkaar uit te wisselen. Dat leidt soms tot hele mooie en soms zelfs hele ingrijpende situaties. Zo herinner ik me een bijeenkomst waarin we aan de slag gingen met de vraag: wat was er niet goed in jouw land? Dat bracht echt de meest aangrijpende verhalen voort. Zoals dat van een vluchtelinge uit Afghanistan die ontploffende bommen, bloed en dode mensen schilderde en daar verschrikkelijk van moest huilen. Dan gebeurt er natuurlijk iets in die groep. Het brengt iets teweeg. Maar het mooie is dat je ziet dat het oplucht. Kunst kan in dat opzicht echt therapeutisch werken. Je ziet de cursisten soms letterlijk opklaren, opluchten. De bijeenkomst fungeert dan als uitlaatklep."

 

Enkele voorbeelden van de portretten die inburgeringscursisten

van elkaar maakten.

 

"Je vecht in dit werk ook voortdurend tegen grenzen. De cursisten hebben, in vergelijking met de gemiddelde Nederlandse vrouw, vaak een beperkt denkkader en weinig relativeringsvermogen. En vanuit hun geloof hele strikte overtuigingen over normen en waarden. Wat ze hebben geleerd, is de enige waarheid. Je maakt 't mee dat een leuke, vlotte, op het eerste oog al heel aardig geïntegreerde Marokkaanse vrouw uitroept: 'Dan ik hem doodmaken', als we komen te spreken over homofilie en een medecursiste haar vraagt wat zij zou doen als haar zoon thuis zou komen met die onthulling. Maar ook dat een cursiste na één keer vrijwilligerswerk in de bejaardenzorg al afhaakt, omdat ze varkensvlees moet serveren. Tijdens de bijeenkomsten, onder het schilderen en tekenen, probeer ik dat dan bespreekbaar te maken. Dan zeg ik bijvoorbeeld: 'Op Allah vertrouwen is oké, maar je zet hier onder aan mijn toren toch ook voor alle zekerheid je fiets op slot?!'. Gelukkig wordt er ook veel gelachen. Ik heb al vele cursisten een glimlach weten te ontlokken met mijn uitspraak 'Lachen mág van Allah!'."

 

 

 

"Een bijeenkomst waarmee we ook altijd veel teweeg brengen is als we de cursisten portretten van elkaar laten schilderen. Steeds in tweetallen. Daarvoor moeten ze de ander goed bestuderen en steeds heel direct aankijken. Dat is voor veel van deze vrouwen een enorme overwinning, want iemand rechtstreeks aankijken, laat staan aanraken, is men niet gewend. Dan maak ik van de gelegenheid gebruik om uit te leggen hoe belangrijk oogcontact is in onze cultuur. En dat je daar niet bang of verlegen voor hoeft te zijn. Contact is noodzakelijk om in de Nederlandse samenleving te kunnen functioneren. Voor velen is dat een openbáring. En daarmee is toch weer een klein stukje van mijn missie geslaagd. Al is het maar in de bewustwording van deze vrouwen. Dan vind ik het al geslaagd!"

 

Interview: Dominique Uittenbogerd

Afd. Communicatie Stavoor